





Enkele bouwfases van een viool

Het speciaal voor de vioolbouw geselecteerde hout wordt op deze natuurlijk wijze gedroogd
en is gemiddeld 30 jaar oud.

Van links naar rechts: de zijranden, het halsblok(en krul) en het achterblad, allen van ahornhout
en rechts het sparrenhouten bovenblad.

Eerst wordt de welving met een guts gestoken en met speciale vioolbouw-schaafjes in de juiste vorm gebracht.

De schaafsporen worden glad geschraapt.

Het insnijden van het inleg-gootje. De inleg is van twee laagjes ebbenhout met in het midden ahornhout.

Op dikte steken van het achterblad.

De F(klank)-gaten.
Zangbalk aan de
G-snaar kant.

Dit wordt de hals met krul. De krul wordt eerst ingezaagd.

En met deze gutsen gestoken. Met dit als resultaat.
De klank, waar het uiteindelijk om gaat, hoor je na gemiddeld 200 uur handwerk.
Viva
fui in sylvis
Toen ik leefde woonde
ik in het woud
Sum dura occisa securi
Mij velde de harde bijl
Dum
vixi, tacui
Levend zweeg ik
Mortua
dulce cano
Gestorven zing
ik liefelijknaar boven
İAlexander Oosten-2009